De versleten bruine pantoffels,
het koekje bij de koffie, de caravan in de achtertuin; het valt
niet mee dit decor te verbinden met zoiets als de Pakistaanse atoombomproeven,
een evenement dat de internationale gemneenschap sinds kort in zijn
greep houdt. Frits Veerman uit Huizen, de man met de bruine pantoffels,
heeft in zijn leven dan ook veel scepsis moeten overwinnen.
In het kort komt het hier op neer. De Pakistaanse metallurg Abdul
Qadr Khan werkte begin jaren zeventig bij het in Amsterdam gevestigde
FDO (Fysisch Dynamisch Onderzoek), een dochterbedrijf van VMF Stork
dat hoogwaardig technisch onderzoek verrichtte voor de ultracentrifuigefabriek
UNC in Almelo. Khan, die uit slordigheid niet door de Binnenlandse
Veiligheidsdiens was gescreend, stal het geheime verrijkingsprocede,
ging zogenaamd op vakantie, en kwam alleen nog terug naar Nederland
om andere technische apparatuur aan te schaffen.
Vanaf 1975 werd er onder zijn leiding in een verrijkingsfabriek
nabij Islamabad, een letterlijke kopie van die in Almelo gewerkt
aan een atoombom.
Het resultaat daarvan is sinds 28 mei bekend. Pakistan behoort tot
het selecte clubje kernmachten en Abdul Qadr Khan is de personificatie
van de islamitische bom geworden. In Pakistan heet hij een volksheld
te zijn.
De eerste keer dat Frits Veerman zijn verhaal vertelde was in 1973,
aan zijn superieuren bij FDO. De technicus Veerman was een collega
van Khan en hij kwam regelmatig bij hem over de vloer, waar hij
diverse tekeningen en vertrouwelijke gegevens van de fabriek had
zien rondslingeren. Khan vroeg hem - tevergeefs overigens - ook
allerlei foto's te maken, bijvoorbeeld van de fabriek in Almelo,
en dat had Veerman wantrouwig gemaakt. Hij werd niettemin weggelachen
door de directie.
Jaren later kwam de spionage van Khan toch uit. Hij werd bij verstek
veroordeeld, maar door een vormfout verviel die veroordeling. Op
dat moment was Veerman al in een kafkaeske situatie beland waarin
hij was ontslagen en hij tientallen malen werd verhoord door de
binnenlandse veiligheidsdienst. De aangever was dader geworden.
Ondanks stapels sollicitatiebrieven vond Veerman, dankzij machinaties
van waarschijnlijk de BVD, nooit meer werk op het terrein dat hij
als zijn liefhebberij beschouwde, de fijne mechanica. Het werk dat
hij wel vond is het werk dat hij, inmiddels 54, nog altijd doet:
administratief medewerker bij het GAK in Hilversum.
|
|
Khan bestookte hem na zijn vertrek naar Pakistan
met brieven en gratis vliegtickets naar Pakistan, meestal gebracht
via speciale koeriers. Hij werd meerdere malen gebeld door mensen
die zeiden namens de ambassade van Pakistan en andere landen uit
het Midden-Oosten, waaronder Irak, te handelen. Veerman heeft alle
documentatie bewaard (behalve de geluidsbanden, die heeft zijn zoon
per ongeluk overgespoeld met muziek voor een verjaarspartijtje)
in een zwarte ordner in zijn kleine werkkamer op de eerste etage
van zijn huis.
'Beste Frits' staat er boven elke brief,
want Khan spreekt en schrijft vloeiend Nederlands. Khan toont zich
in die brieven vervolgens even hartelijk als schaamteloos. Stuur
nog wat foto's, kopieer nog wat plannen, lever me nog wat gegevens
en vergeet vooral niet de groeten aan je moeder te doen, zo schrijft
'jouw Abdul'.
"Hij schreef ook," vertelt Veerman op een toon die nogaltijd
verbazing uitsdrukt, "dat de regering van Pakistan mij uitnodigde
om daarnaartoe te komen. Ja wat heb ik met die regering te maken?
Er zitten nog steeds Duitse ingenieurs daar, die helpen mee aan
die bom. Er zijn mensen die destijds bij FDO werkten en gewoon apparatuur
zijn blijven leveren aan Khan. Je mocht namelijk lange tijd geen
atoombom exporteren, maar wel separate onderdelen ervan. Professor
Brabers uit Leuven, waar Khan voor zijn Nederlandse verblijf heeft
gestudeerd, ging elke veertien dagen naar Pakistan om zogenaamd
metallurgische problemen te verhelpen. Dat moet je niet doen, vind
ik. Dan ben je in mijn ogen een heel grote crimineel, daar zijn
geen andere woorden voor. Ze weten wat ze daarmee aanrichten. Dat
vind ik erg hoor, dat meen ik oprecht. Dit gaat niet over horloges,
maar over een atoombom. Dat is allemaal heel erg voor de, hoe noem
je dat, voor de internationale gemeenschap. Zo'n instabiel land
als Pakistan, als dat uit de hand loopt, kunnen ik weet niet hoeveel
mensen daar de dupe van worden. Snapt u dat nou?"
Zelfs na al die jaren waarin hij als
eenling toch lelijk door het grote apparaat werd vermorzeld, is
de verontwaardiging oprecht. De BVD kwam zo vaak bij hem over de
vloer, dat zelfs zijn vrouw aan hem begon te twijfelen. En bij zijn
nieuwe werkgever, het GAK, dachten ze dat hij 'iets gestolen had,
of zo'.
Dat van die atoombom ging er bij de collega's in Hilversum niet
in. 'Heel zenuwachtige ervaring', noemt hij dat nu.
Maar na al die jaren nergens een spoortje cynisme, nergens enige
verbittering. Terwijl het contrast toch nauwelijks groter kan zijn.
De volksheld Khan aan de ene kant en Veerman, de GAK-medewerker,
aan de ander. Hij constateerde eerder al dat 'iedereen er wat aan
over heeft gehouden, behalve ik'. Waarom dan geen verbittering?
Daarvoor moeten we even vertellen wat voor man Frits Veerman uit
Huizen is. Frits Veerman kocht in 1977 een rode Opel Record, met
twee liter-motor. Nu, eenentwintig jaar later, staat siezelfde Opel
Record nog altijd op de oprit naast zijn rijtjeshuis. Dat is Frits
Veerman.
"Als ik het over mocht doen, zou ik het zo weer doen. Dat heeft
te maken met bepaalde normen en waarden. Als ik mee zou werken aan
een atoombom, zou ik daar niet mee kunnen leven. Ik begrijp niet
dat mensen zich daarvoor lenen. Dat iemand die ingenieur is of professor
alleen maar uit is op dollars. Geld, geld en nog eens geld. Ik ben
er niet vies van, hoor. Maar bij dit soort zaken houdt het gewoon
o. We zijn gelukkig met het leven dat we nu hebben. Voor andermans
welvaart ben ik niet gevoelig. Ik zit in een familie waar de inkomensverschillen
groot zijn, waar sommigen miljoenen guldens bezitten. Wij bezitten
dat neit en daar hebben we geen probleem mee. Een eigenschap als
jaloezie ken ik neit. Dingen gaan zoals ze gaan. Dat moet je accepteren,
anders raak je inderdaad verbitterd."
|
Laten we nog eens teruggaan naar de samenwerking
met Abdulo Qadr Khan. Wat voor type was Khan eigenlijk?
"Het was een vriendelijk man. Ik ging wel eens op bezoek in Badhoevedorp.
Zijn broer woonde ook in Nederland, die nodigde mij ook regelmatig
uit. Voorzover ik wet is hij een half jaar na Abdul vertrokken. Abdul's
vrouw Henny was van Nederlandse komaf. Haar familie, zijn schoonfamilie
dus, woont nog altijd in Bergen op Zoom.
Abdul woonde in een rijtjeshuis, heel simpel ingericht. Ik kockht
wel eens tweedehands spullen voor hem. Zo is dast contact ook tot
stand gekomen. Ik woon in een dorp en ken heel veel mensen, dus wanneer
hij iets nodig had, kon ik daar meestal wel aankomen. Dan regelde
ik een tweedehands ijskast voor hem, want het handelen zit een beetje
in mijn bleod. Maar niet in atoombommen natuurlijk.
Hij was geen playboy of zo. Wat hij wel altijd bij zich had was een
dikke ring van 24 karaats goud. 'Kijk Frits,' zei hij dan, 'als er
wat gebeurt, kan ik deze zo inruilen en vertrekken.' Dat weet ik nog
goed. Hij hield enorm van Hollandse kaas. Dat heb ik hem nog wel eens
gestuurd in Pakistan. Kijk, ik ben iemand die altijd contact zoekt
met mensen. Dat vind ik interessant. Als ik op vakantie ga, ga ik
ook niet op het strand liggen, maar zoek ik de mensen op. Zo gaan
we bijvoorbeeld al jaren naar Hoingarije met de caravan, en inmiddels
kennen we daar heel veel mensen. Ik heb ook wel eens aan Abdul gevraagd
wat pakistan voor land is, Gewoon uit interesse. Maar ja, dat dit
eruit voort zou komen, kon ik natuurlijk niet vermoeden."
In zijn werkkamer duikelt hij een oude foto op van Khan, die hij ooit
van diens familei gekregen heeft. "Ik geloof dat ik een van de
weinigen ben met een foto van Abdul. Als er destijds foto's werden
gemaakt ging hij altijd achter een mur of een plant staan."
Eejn wand van het kleine kamertje is volgebouwd met ordners en boeken,
tegen de andere wand staat een tafel met computerapparatuur. "Computers
zijn een beetje een hobby van me geworden," zegt hij, onderwijl
met twee vingers op het toetsenbord tikkend. "Als ik zo meteen
gepensioneerd ben, moet ik toch wat om handen hebben. Ik handel er
ook een beetje in. Dat doe ik niet om er geld mee te verdienen, maar
omdata ik het gewoon leuk vind. Ik hou er leuke contacten aan over.
Binnenkort ga ik ook een cursus volgen."
Door het raam kijken we uit op de Opel Record, na eenentwintig jaar
nog altijd in mint condition.
"mijn vrouw vindt dat het tijd wiordt voor een nieuwe auto, maar
ik ben behoudend. Waarom zou ik hem wegdoen, hij doet het toch nog
goed?"
|